Lichaamstaal
Drie schilders omarmen een opleving van figuratieve kunst met bijzondere resultatenDe laatste jaren is de schilderwereld door de nieuwe focus op figuratieve kunst weer opgeleefd. De werken van de drie vrouwelijke kunstenaars die hier zijn uitgelicht – Nadia Waheed, Danielle Mckinney en Apolonia Sokol – geven een unieke kijk op de vrouwelijke blik en leggen vrouwen als onderwerp van hun kunst vast. Door traditionele figuratieve kunst op een moderne, interessante manier toe te passen, geven ze een gedurfde kijk op het vrouwelijk lichaam, of het nu in kosmische sferen is of in een oase van rust. Het resultaat? De menselijke natuur wordt aan de kaak gesteld in een zoektocht die labels overstijgt en waarin de ander en de eigen ik centraal staan, met één oog gericht op het sublieme.
Danielle Mckinney
Danielle Mckinney heeft onlangs vechtsporttrainingen gevolgd, Shaolin kungfu om precies te zijn. Ze is het ermee eens dat het enigszins afwijkt van haar schilderijen: weelderig geschilderde vrouwen in verschillende staten van rust. Bij Mckinney's werk denkt u wellicht eerder aan Balthus of Modigliani: stille, rustige momenten van vrouwelijkheid in plaats van lonkende blikken. Maar de kungfu wordt duidelijk als u de rode draad in de schilderijen ontrafelt, en dan vooral Mckinney's kenmerkende rokende vrouwen. Tot voor kort rookte Mckinney nog en hoewel op haar schilderijen nog geen kungfu te ontdekken is, draait het om hetzelfde principe: een fysieke uitlaatklep.
“Toen ik deze schilderijen maakte, dacht ik dat het wel interessant zou zijn om ze sigaretten te geven, hoewel die niet symbool staan voor mezelf”, zegt Mckinney aan de telefoon vanuit haar woonplaats in New Jersey. “Mensen zien roken als een moment om diep in te ademen, weer uit te ademen en te zeggen: 'Ik geef me over. Ik neem even pauze. Ik ben bloot, ik ben naakt. Ik ben vrij om mezelf te zijn.' Dus ook al ben ik gestopt met roken, ik heb het gevoel dat sigaretten – net zoals rode nagels gezien worden als een symbool van schoonheid – zeggen: 'Oké, de dag is voorbij. Nu hoef ik er eindelijk alleen nog maar gewoon te zijn'.”
Mckinney's schilderijen maken indruk door de diepgang van de emoties die ze uitstralen. De schilderijen zijn cool en stralen zekerheid uit, net als de vrouwen die erop worden afgebeeld. Mckinney zegt dat ze bedoeld zijn als een vluchtige kijk in hun leven en dat de vrouwen zich niet bewust zijn van de kijker. Mckinney verwijst naar schilderijen als 'interieuren' en legt uit dat ze eraan begint door oude foto's in tijdschriften of op Pinterest te bekijken. Ze voegt accenten toe op de achtergrond – voornamelijk kunstwerken waar ze op dat moment aan denkt, zoals Griekse beelden en schilderijen van Henri Matisse.
“In de werken staan deze huiselijke ruimtes centraal”, zegt ze. “Ik heb er een aantal gemaakt waarop een scene in de natuur wordt afgebeeld, maar normaal gesproken zitten ze op banken of bedden en zijn ze bezig met ontspannende activiteiten. Dus ik vind dat het narratief in deze huiselijke omgevingen consistent is.”
Huiselijkheid is eigenlijk een voortzetting van kunstwerken uit Mckinney's jeugd. Toen ze opgroeide in Montgomery, Alabama, maakte Mckinney kijkdozen met als onderwerp het leven binnenshuis. Later moedigde haar grootmoeder haar aan om te gaan schilderen en schreef ze haar in voor lessen. Daarna gaf haar moeder haar een camera en was Mckinney al snel verkocht. Ze maakte carrière als fotografe (een fotoproject uit 2013, The Guardian, haalde de HuffPost en de Daily Mail).
Echter viel de fotografiecarrière van Mckinney stil en de pandemie gaf haar de tijd om haar prioriteiten opnieuw te stellen. Hoewel ze sinds haar jeugd nooit gestopt is met schilderen, heeft ze dit altijd privé gehouden. Toen ze eind 30 was begon ze voor het eerst serieus te schilderen en ging ze op les. Haar docent was bemoedigend en ze kreeg meer vertrouwen in haar werk, dus begon ze foto's op sociale media te plaatsen en haar portfolio op te sturen naar galerijen en bedrijven.
Nadat haar berichten drie maanden lang op 'gezien' bleven staan op Instagram en ze geen reacties kreeg, stuurde Davida Nemeroff van de toonaangevende kunstruimte Night Gallery uit Los Angeles haar een privébericht waarin ze vroeg om een aantal voorbeelden op te sturen naar de galerij – het pandemische alternatief op een atelierbezoek.
“Ik zat daar met de tranen in mijn ogen”, zegt Mckinney over de belangstelling van Night Gallery voor haar werk. Dit leidde later tot een tentoonstelling bij Marianne Boesky in oktober vorig jaar. “Als ik er nu weer aan denk, schiet ik weer vol, puur omdat ik haar oprechtheid waardeerde. En ze zei: 'Dit wordt te gek. Deze kunstenares heeft 20 volgers, maar ik ga haar een kans geven. Ik ga haar een podium geven'. En de rest is geschiedenis.”
Nu ze officieel een laatbloeier is, heeft Mckinney nog grotere ambities. Bij haar volgende solo-tentoonstelling in de Night Gallery in mei gaat ze experimenteren met olieverf, dus stapt ze af van de acrylverf die ze normaal gebruikt (ze zegt dat het 'ontzettend eng' is om zichzelf de kunst meester te maken). Maar de rustige momenten en de vrouwelijkheid? Die zullen er nog steeds zijn.
“Ze stralen universele vrouwelijkheid uit die ze uitstralen met hun gebaren en soms met de kleding die ze dragen of de omgeving waar ze zich in bevinden”, zegt Mckinney over haar onderwerpen. “Voor mijn gevoel eisen ze deze vrouwelijkheid ook op. Niet op een manier van: 'Kijk naar mij, ik ben een powervrouw, ik ben superwoman’, maar ze tonen nederigheid en zachtheid, wat volgens mij juist verwijst naar die vrouwelijke touch, die zachte touch. Die wil ik laten zien.”
Nadia Waheed
De laatste tijd zijn de schilderijen van Nadia Waheed steeds mystieker en kosmischer geworden. Op Transposition, uit 2021, is een vrouw in twee toestanden afgebeeld, een in lichamelijke aardsheid waarbij haar ribbenkast en zenuwstelsel zichtbaar zijn door haar naakte lichaam en de ander het tegenovergestelde daarvan: een geestelijke vorm gevuld met een nevel van ruimtestof. Ze zijn in harmonie met elkaar, alsof de een niet zonder de ander zou kunnen bestaan, ze stellen elkaar gerust en vullen elkaar aan. Dan volgt een schilderij, Disembodied (2023), dat als onderdeel van een groepstentoonstelling getoond werd in de Nicodim Gallery in januari. Dit is een vrouw in vier toestanden, waarbij de figuur uit ons universum in een grasveld ligt terwijl de anderen boven haar zweven.
De schilderijen lijken soms oud en tijdloos maar Waheed, dochter van Pakistaanse immigranten uit de VS, gebruikt een recentere metafoor om haar gevoelens te omschrijven over de verbinding tussen spiritualiteit en haar kunstwerken.
“Heb je Avatar: De Legende van Aang ooit gezien?”, vraagt ze aan de telefoon vanuit haar studio in Chicago. “Weet je dat de geestenwereld op hetzelfde [vlak] bestaat als de materiële wereld? Ik probeer mijn versie van de geestenwereld te schilderen, omdat het vaak voelt alsof de grens tussen mijn materiële wereld en de geestenwereld... soms zie ik iets in mijn ooghoek, of ik voel ’s nachts dingen, of ik voel dingen in het atelier. Ik probeer altijd in verbinding te blijven met iets dat groter is dan ik.”
Wat voor Waheed belangrijk is aan de eerder genoemde verbinding tussen geest en lichaam, is hoe we die verhalen en universele waarheden over de wereld kunnen gebruiken: ervaringen die ze deelt met haar “vriendinnen met een donkere huidskleur die worstelden met de relatie met hun lichaam”, of ervaringen tussen haar en haar moeder waarbij ze na de scheiding verstoten werden uit een patriarchale gemeenschap.
“Al deze allegorieën die ik schilder, verwijzen naar dingen die ik in mijn leven meemaak”, zegt ze. “Dus ik probeer een antwoord te geven op veel van de vragen die ik heb om beter om te gaan met moeilijke kwesties als opgroeien, volwassen worden en loslaten.”
Met dit persoonlijke verhaal annex spirituele reis kan niet genoeg worden benadrukt dat Waheed een meesterschilder is. Haar werken zijn prachtig geschilderd met weelderige kleuren en in groot formaat, waardoor ze zich perfect thuisvoelen in grote galerijen als Jeffrey Deitch – waar haar werken in groepstentoonstellingen te zien zijn – en Mihai Nicodim in Los Angeles, waar ze in september een solo-tentoonstelling heeft. Maar Waheed, die zegt vaak aan veel schilderijen tegelijk te werken, probeert de kijker simpelweg een soort van kosmisch gevoel te geven.
“Het is het gevoel van het sublieme: als je naar de oceaan kijkt, als je naar de Grand Canyon kijkt, als je naar de nachtelijke hemel vol sterren kijkt, daar ervaar je tegelijkertijd een gevoel van verbondenheid met alles, maar ook een besef van je eigen nietigheid op een zeer positieve, nederige, helende manier”, zegt ze. “Ik denk dat veel van mijn werk voortkomt uit een verlangen om dat soort gevoelens over te brengen.”
Apolonia Sokol
De schilderijen van Apolonia Sokol vertellen een verhaal over de liefde. Met niet veel meer dan een eenvoudige achtergrond en een al even chromatische benadering van haar onderwerpen, zijn Sokols schilderijen puur en oprecht. Op basis van foto's schildert Sokol onderwerpen waarbij de personages vreedzaam en eenvoudig worden weergegeven, maar tegelijkertijd van het doek afspatten en bovendien de ruimte krijgen om simpelweg te bestaan. Ze vinden hun weg naar het canvas als de complexe mensen zoals Sokol ze ziet. En dat is de liefde waarmee ze ze schildert.
Voor de bewonderaar is het gemakkelijk om te zien of deze onderwerpen onderdeel zijn van Sokols crew, of dat ze dat in ieder geval zullen worden. De werken zoals Simon.e Thiebaut (2021) en Dîna (2022) zijn geschilderd met een intieme minimalistische touch die doet denken aan Alex Katz of Elizabeth Peyton en zijn zowel opmerkelijk qua stijl als onderwerp.
“Meestal schilder ik vrienden of mensen die ik heb ontmoet, mensen van wie ik hou”, zegt ze in een interview vanuit Zuid-Frankrijk. “Maar ik kan ook iemand schilderen die ik niet zo goed ken, misschien wel als belofte. Het vergt empathie of liefde om iemand te schilderen.”
Het is die empathie die we op Sokols doeken terugvinden. Sokol groeide op tussen diverse kunstenaars, muzikanten, acteurs en dichters in het Lavoir Moderne Parisien, het ondergrondse theater in Parijs, en is dus van jongs af aan al door kunst omringd. Hier, in het theater dat haar ouders in 1986 openden en al snel een gemeenschapscentrum werd van niet alleen kunstenaars en artiesten, maar ook van vluchtelingen en gemeenschapsactivisten, ontwikkelde Sokol haar gevoel van mededogen.
“Tijdens het schilderen identificeer ik me op de een of andere manier met de persoon die ik schilder”, zegt Sokol die in 2015 afstudeerde aan de Beaux-Arts de Paris. "Ik denk telkens aan hen, hoe ik me verhoud tot hun manier van leven, of hoe ik mezelf herken in hun politieke standpunten. Soms zijn mijn gedachten pijnlijk. Na verloop van tijd werd ik me bewuster van mijn gedrag tijdens het schilderen. Dat heeft ertoe geleid dat ik mijn gedachten in bedwang probeer te houden om mezelf niet helemaal te verliezen in de melancholie. Maar meestal vergeet ik alles tijdens het schilderen.”
In de eerste helft van de jaren 2010 begon Sokol de beperkingen te voelen van het Lavoir Moderne, dat ondertussen vocht voor zijn bestaan. Ze reisde naar New York en ontmoette Elizabeth Peyton, die ervaring had in het ondersteunen en begeleiden van jonge kunstenaars. Op aanraden van Peyton vond ze werk in het atelier van kunstenaar Dan Colen, die toen beroemd was om zijn schilderijen van kauwgom en vogelpoep. Later bracht ze veel tijd door in Los Angeles met de schilder Henry Taylor.
“Ik ben ervan overtuigd dat zijn invloed zichtbaar is in mijn werk”, zegt Sokol. “Hij gaf me de sleutels van zijn atelier en ik werkte er een tijdje, omringd door zijn stukken.”
Maar het was Sokols jarenlange vriendschap met Oksana Shachko die de meeste weerklank in haar werk zou vinden. De Oekraïense kunstenaar had zich aangesloten bij de politieke groepering Femen en onderdak gevonden boven het Lavoir Moderne, en de twee werden close, voordat Shachko in 2018 overleed.
“Ik heb zoveel geleerd van Oksana – ze heeft me geleerd om mijn kunst te gebruiken als politiek medium”, zegt Sokol. “Helaas kreeg ik pas na haar overlijden door hoe dat werkte. Oksana was mijn beste vriendin en samen beleefden we de mooiste jaren van mijn leven, in extreme onzekerheid. Het was zwaar, maar elk moment met haar was bijzonder.”
Een groot deel van Sokols leven als kunstenaar is vastgelegd door de veelgeprezen Deense documentairemaakster Lea Glob, vanaf het moment van hun kennismaking in 2009 in het Lavoir Moderne tot latere ontmoetingen in New York en Los Angeles. Ook al gaat het over haar leven, Sokol lijkt een beetje afstand tot de film te voelen, wellicht vergelijkbaar met wanneer een van de onderwerpen die ze schildert zichzelf op het doek zou zien.
“Ik ben slechts het onderwerp van de film en zoals bij elk kunstwerk gaat het heel erg om de kunstenaar zelf, en hier is dat de filmmaker Lea Glob”, legt Sokol uit. “Zij draagt haar visie uit. De film is nu uit, en ligt in de handen van het publiek. Voor mijn gevoel is de film met veel liefde ontvangen, daar ben ik heel dankbaar voor.”
- Danielle Mckinney, Eternal, 2022
Met toestemming van de kunstenaar, Marianne Boesky Gallery, New York en Aspen, en Night Gallery, Los Angeles. © Danielle Mckinney. Fotocredits: Pierre Le Hors - Danielle Mckinney, After the Dance, 2022
Met toestemming van de kunstenaar, Marianne Boesky Gallery, New York en Aspen, en Night Gallery, Los Angeles. © Danielle Mckinney. Fotocredits: Pierre Le Hors - Nadia Waheed, Backstage Producer
Met toestemming van de kunstenaar - Apolonia Sokol, Dîna, 2022
Met toestemming van de kunstenaar



